De mis                                                          >>PDF<<

Dit document is de vertaling van een Engelse brochure die werd uitgegeven door Westminster Standard in Gisborne, Nieuw Zeeland. We kregen hun toestemming om deze vertaling op onze website te plaatsen. Het bevat passages uit het boek “Roman Catholicism” van Dr. L. Boettner. Dit boek is zeer aan te bevelen. Het is een gedetailleerde beschrijving van de Rooms-Katholieke kerk, bekeken vanuit de Bijbel. De eerste uitgave vond plaats in 1962 door Presbyterian and Reformed Publishing Co. Inmiddels heeft de Rooms-katholieke kerk het misritueel versoberd en aangepast door de invoering van een nieuwe misorde (Novus Ordo Missae).  Vooral in streng Katholieke landen rees verzet tegen deze nieuwe misviering. Men vond er teveel “protestantse ketterijen” in. De oude Latijnse mis mag nog steeds gecelebreerd worden. Hierdoor laadt het Vaticaan de verdenking op zich alleen maar de misviering aan te passen ten einde Protestanten zand in de ogen te strooien om zo haar uiteindelijke doel te bereiken: de Protestantse kerken weer in haar macht krijgen. Het uiterlijk van de mis kan dan aangepast zijn, de geest en de leer ervan zijn nog steeds precies hetzelfde. De Rooms-katholieke kerk belijdt “altijd dezelfde” te blijven: “Semper eadem”. Ze moet dat wel belijden om de schijn van onfeilbaarheid op te houden. Inderdaad is zij, geestelijk gezien, niet anders dan de Rooms-katholieke kerk uit de 16e eeuw, waartegen Luther gestreden heeft.
Op grond van de Bijbel en het evangelie van Jezus Christus zijn wij van oordeel dat er fel gewaarschuwd moet worden voor de huidige, geestelijke dreiging, die uitgaat van Rome. Daarom plaatsen we nu dit artikel over de mis.

DE MIS.

Het is verbazingwekkend hoeveel Protestanten de betekenis van de Rooms-katholieke mis niet begrijpen. Sommigen denken hierbij alleen maar aan een kerkelijk ritueel en doen het af als gewoon een andere vorm van het Avondmaal des Heren of heilige communie. Maar dat is absoluut niet het geval. Voor zowel Protestanten als Rooms-katholieken is het Avondmaal des Heren of de heilige communie een sacrament. Voor Protestanten is het een middel van geestelijke zegen en een gedenkdienst die ons herinnert aan de glorievolle Persoon van Christus en de grote dienst die Hij ons bewees op Golgotha. Maar voor Rooms-katholieken is het iets heel anders. Voor hen is het ook een offer, ten uitvoer gebracht door een priester. En het tot de offerande behorende beginsel is verreweg het belangrijkste. In feite is het misoffer het centrale punt in hun eredienst, terwijl zelfs aan de prediking van het evangelie een ondergeschikte rol wordt toegekend en niet wordt gezien als een essentieel iets, dat bij het priesterlijke ambt behoort.
Overeenkomstig het Roomse onderwijs worden bij het misoffer het brood en de wijn door de kracht van de priester ten tijde van de consecratie (inzegening) veranderd in het werkelijke lichaam en het werkelijke bloed van Christus. Het brood in de vorm van dunne, ronde ouwels, waarvan honderden gelijktijdig geconsacreerd kunnen worden, liggen in een gouden schaal. De wijn zit in een gouden beker. Het vermeende lichaam en bloed van Christus worden dan voor het altaar door de handen van de priester opgeheven en aan God geofferd voor de zonden van zowel de levenden als de doden. Tijdens dit deel van de ceremonie zijn de mensen weinig meer dan toeschouwers bij een religieus drama. Praktisch alles wordt gedaan door de priester, of door de priester en zijn helpers.
Het ingewikkelde ritueel van de mis is werkelijk een uitgebreid spektakelstuk, bedacht om opnieuw de ervaringen van Christus uit te beelden vanaf het Avondmaal in de bovenzaal, door de worsteling in de hof, het verraad, het verhoor, de kruisiging, de dood, de begrafenis, de opstanding en de Hemelvaart. Het is een drama, samengeperst met de gedetailleerde gebeurtenissen van veel dagen binnen het tijdsbestek van een uur of minder. Voor de juiste uitvoering ervan maakt de priester in het seminarie lange perioden van training door en heeft hij een wonderbaarlijk geheugen nodig. Bekijk het volgende eens: hij maakt 16 keer het kruisteken, wendt zich 6 keer naar de gemeente, slaat 11 keer zijn ogen ten hemel, kust het altaar 8 keer, vouwt zijn handen 4 keer, slaat zich 10 keer op de borst, buigt zijn hoofd 21 keer, maakt 8 keer een kniebuiging, laat zijn schouders 7 keer hangen, zegent 30 keer het altaar met het kruisteken, legt zijn handen 29 keer plat op het altaar, bidt 11 keer in stilte, bidt 13 keer hardop, neemt het brood en de wijn en verandert die in het lichaam en bloed van Christus, legt 10 keer een doek op de Avondmaalsbeker haalt die weer weg, loopt 20 keer heen en weer en voert daarnaast talloze andere handelingen uit. Zijn buigingen en kniebuigingen zijn imitaties van Christus in Zijn worsteling en lijden. De uiteenlopende kledingstukken, die door de priester worden gedragen op verschillende momenten van het drama, representeren die welke werden gedragen door Christus, de zoomloze mantel, de paarse jas, enzovoort. Voeg bij het bovenstaande de felgekleurde mantels van de geestelijken, de kaarsen, de klokken, wierook, muziek en de speciale kerkelijke architectuur van het koorgedeelte.
Wat een erbarmelijke vorm van toneelspelen is het! Van wat een bedroevend surrogaat van het evangelie zijn de mensen afhankelijk wat betreft het eeuwige leven! In contrast hiermee, hoe eenvoudig was het tafereel in de bovenzaal toen Christus het Avondmaal des Heren instelde! In 1 Corinthiërs 11:23-26, in amper vier verzen, vat Paulus de hele eenvoudige dienst samen: De Here Jezus nam in de nacht, waarin Hij verraden werd, het brood; Hij dankte; Hij brak het brood en Hij gaf het aan hen als een gedachtenis aan Zijn lichaam, dat voor hen verbroken zou worden. Gewoon vier eenvoudige handelingen, betrekking hebbend op het brood. Daarna zijn er twee handelingen vastgelegd met betrekking tot de wijn: Hij nam de beker en Hij gaf hen die als een symbool van Zijn bloed dat voor hen vergoten zou worden. Alles wat ons wordt gevraagd is te gedenken dat Hij stierf om zondaren te redden en dat wij zo Zijn dood moeten gedenken, totdat Hij terugkeert. Maar deze eenvoudige gebeurtenis heeft de Kerk van Rome opgeblazen tot de verblindende, in detail uitgewerkte, opzichtige praalvertoning en drama van de mis.
Eeuwenlang waren de offerende priesters van de Oudtestamentische periode een type geweest van de ene ware Priester Die zou komen. Maar nadat Hij gekomen was en Zijn werk had volbracht, was er verder geen behoefte meer om de lege vormen voort te zetten. Zo werd het priesterdom, dat zijn doel had gediend, afgeschaft en Christus heeft geen bepaling gemaakt voor zijn apostelen en dienaren om enig soort offer voort te zetten. De schrijver van de Brief aan de Hebreeën heeft veel te zeggen over de eindeloze herhaling en doelloosheid van de oude offers. Hij toont aan dat hun belangrijkste waarde was het ene ware offer, dat door Christus gebracht zou worden, te symboliseren en daarnaar te verwijzen. “Wij zijn eens voor altijd geheiligd door het offer van het lichaam van Christus. En elke priester staat dagelijks in Zijn dienst om telkens dezelfde offers te brengen, die nooit de zonden kunnen wegnemen, maar Hij is echter, na één offer voor de zonden te hebben gebracht, voor altijd gezeten aan de rechterhand van God; voorts afwachtende, totdat Zijn vijanden gemaakt worden tot een bank voor Zijn voeten. Want door één offerande heeft Hij voor altijd hen volmaakt, die geheiligd worden.” (Hebreeën 10:10-14). Het Nieuwe Testament kondigt daarom de beëindiging van alle offers aan, en verklaart dat alleen Christus ons ware offer is, en dat Hij Zichzelf “eens voor altijd” offerde om zo alle andere offers voor eeuwig te beëindigen.
Het doet het voorstellingsvermogen wankelen als men zich realiseert, dat een louter menselijke pantomime, die zo absurd is en zo strijdig met de Heilige Schrift, kon worden aangenomen en slaafs bijgewoond dag na dag en week na week door denkende mannen en vrouwen.

De Mis, hetzelfde Offer als op Golgotha

De Kerk van Rome gelooft dat de mis de voortzetting is van het offer dat Christus heeft gebracht op Golgotha, en dat het in werkelijkheid steeds weer opnieuw een herkruisiging van onze Here is, op een onbloedige wijze. Zij gelooft ook dat dit offer even effectief is om zonden weg te nemen als het offer op Golgotha. Naar men veronderstelt wordt Christus, elke keer als de mis wordt gecelebreerd, geofferd in dat offer, dat is, dagelijks, in duizenden Rooms-katholieke kerken over heel de wereld. De mis is daarom niet een herdenking maar een ritueel, waarin het brood en de wijn worden veranderd in het letterlijke lichaam en bloed van Christus, wat dan wordt geofferd als een echt offer. Het enige verschil is de manier waarop de twee worden gebracht. Rome claimt zo een handeling voort te zetten, waarvan de Schrift zegt dat die tweeduizend jaar geleden werd voltooid.
In het offer van de mis wordt de Roomse priester een ‘Alter Christus’, dat is, een ‘Tweede Christus’, omdat hij de echte Christus op het altaar offert en Hem aanbiedt voor de redding van de gelovigen en voor de bevrijding van de zielen in het vagevuur. De Rooms-katholieke kerk leert dat Christus in de vorm van de hostie (de geconsacreerde ouwel) in werkelijkheid op het altaar is, en dat de priesters Hem in hun macht hebben, dat zij Hem in hun handen houden, en Hem van plaats naar plaats brengen. Er wordt soms zelfs een ritueel aan het einde van de avonddienst gebruikt, welke bekend staat als “Jezus in bed leggen.”

Wij moeten noodzakelijkerwijs krachtig bezwaar maken tegen zo’n geveinsd offer. Wij kunnen het niet anders beschouwen dan dat het een bedrog, een bespotting en een gruwel voor God is. Het zogenaamde offer in de mis is zeker niet identiek met dat op Golgotha, ongeacht wat de priesters mogen zeggen. Er is in de mis geen echte Christus, geen lijden en geen bloeden. En een offer zonder bloed is vruchteloos. De schrijver van het boek Hebreeën zegt, dat “zonder bloedstorting er geen vergeving van zonden is” (Hebreeën 9:22) en Johannes zegt: “Het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde” (1 Johannes 1:7). Aangezien er toegegeven wordt dat er geen echt bloed is in de mis, kan zij eenvoudigweg geen offer voor zonde zijn.
In het Nieuwe Testament wordt de inzetting van het Avondmaal des Heren altijd gepresenteerd als een sacrament, nooit als een offer. Verder moest overeenkomstig de Levitische wet een zondoffer nooit gegeten worden en al het eten van bloed, zelfs dierlijk bloed, en nog veel meer het eten van menselijk bloed, was streng verboden. Het feit dat in het Avondmaal des Heren de bestanddelen worden gegeten, is op zich een bewijs dat het nooit bedoeld was een offer te zijn.

Transsubstantiatie

Het woord transsubstantiatie betekent verandering van substantie. De Kerk van Rome leert dat de hele substantie van het brood en de wijn wordt veranderd in het letterlijke, fysieke lichaam en bloed van Christus.
Er wordt verondersteld dat de priester door de bisschop ten tijde van zijn ordinatie begiftigd is met de kracht om het brood en de wijn te veranderen in het letterlijke, levende lichaam en bloed van Christus, wat dan bekend staat als de ‘hostie’ en Hem zo op het altaar neer te leggen. En van het lichaam wordt gezegd dat het compleet is in al zijn delen tot aan de laatste oogwimper en teennagel! Hoe het echt kan bestaan op duizenden plaatsen en in zijn volle proporties, zelfs in een klein stukje brood, wordt niet uitgelegd, maar het wordt in geloof aangenomen als een wonder.
Er moet geen ogenblik worden verondersteld dat moderne Rooms-katholieken niet letterlijk geloven in deze warboel van middeleeuws bijgeloof. Het is hen geleerd vanaf hun kinderjaren en zij geloven het wel degelijk. Het is de meest strikte leer van hun kerk. Het is één van de belangrijke leerstukken, als het inderdaad niet het belangrijkste leerstuk is, waarop hun kerk rust. De priesters prediken het letterlijk en nadrukkelijk verscheidene keren per jaar en Rooms-katholieke leken durven er geen enkele twijfel over te uiten.
Na de aanbidding van de geconsacreerde hostie pretenderen de opgeheven handen van de priester het lichaam en bloed van Christus te offeren aan God als een offer voor de levenden en de doden. Daarop pretendeert hij in de plechtigheid van de Eucharistie Hem levend te eten in tegenwoordigheid van de mensen, ook om Hem aan de mensen te geven onder de verschijning van brood, om door hen gegeten te worden.
Deze leer van de mis is gebaseerd op de aanname dat de woorden van Christus “Dit is Mijn lichaam” en “Dit is Mijn bloed” (Mattheüs 26:26-28) letterlijk genomen moeten worden. De verslagen van de instelling van het Avondmaal des Heren, zowel in de evangeliën als in de brief van Paulus aan de Corinthiërs maken het volkomen duidelijk, dat Hij symbolische uitdrukkingen gebruikte. Jezus zei: “Deze beker is het nieuwe verbond in Mijn bloed” (Lucas 22:20). En Paulus citeert Jezus als volgt: “Deze beker is het nieuwe verbond in Mijn bloed… Want zo dikwijls gij dit brood eet en deze beker drinkt, verkondig gij de dood des Heren, totdat Hij komt” (1 Corinthiërs 11:25-26). In deze woorden gebruikt Hij een dubbele beeldspraak. De beker verwijst naar de wijn, en de wijn wordt het nieuwe verbond genoemd. De beker is niet letterlijk het nieuwe verbond, hoewel het even duidelijk zo wordt verklaard als wordt verklaard dat het brood Zijn lichaam is. Zij dronken niet letterlijk de beker, ook dronken zij niet letterlijk het nieuwe verbond. Hoe absurd is het om te zeggen dat ze dat deden! Ook was het brood niet letterlijk Zijn lichaam, of de wijn Zijn bloed. Na het geven van de wijn aan de discipelen zei Jezus: “Ik zal van nu aan voorzeker niet van de vrucht van de wijnstok drinken, voordat het Koninkrijk Gods gekomen is” (Lucas 22:18). Zo bleef ook de wijn, toen Hij hen die gaf, en nadat Hij die aan hen had gegeven “de vrucht van de wijnstok”! Ook Paulus zegt dat het brood brood blijft: “Wie dus op onwaardige wijze het brood eet of de beker des Heren drinkt . . . . Maar ieder beproeve zichzelf en ete dan van het brood en drinke uit de beker” (1 Corinthiërs 11:27,28). Er heeft geen verandering in de bestanddelen plaatsgevonden. Dit was na het gebed van de consecratie, het moment waarop de Kerk van Rome veronderstelt dat de verandering plaatsvond, en Jezus en Paulus verklaren beide dat de bestanddelen nog steeds brood en wijn zijn.
Jezus’ woorden “Doe dit tot Mijn gedachtenis” tonen dat het Avondmaal des Heren niet een of andere soort magische handeling was, maar voornamelijk een herdenking, ingesteld om Christenen door al de eeuwen op te roepen zich het wondere kruis van de gekruisigde Here te herinneren en al de wonderbare weldaden en lessen voor ons. Een aandenken geeft niet de werkelijkheid weer, in dit geval Zijn echte lichaam en bloed, maar iets heel anders, dat alleen maar dient als een geheugensteun van de echte zaak.
Wij kunnen een vriend een foto laten zien en zeggen: “Dit is mijn vrouw; dit is mijn zoon; dit is mijn dochter.” Zo ‘n taal wordt gemakkelijk begrepen in een gewoon gesprek. Niemand neemt zulke woorden letterlijk. De Bijbel is geschreven in de taal van het gewone volk. Vandaar dat het volkomen duidelijk is voor elke oplettende lezer, dat het Avondmaal des Heren voornamelijk bedoeld was als een eenvoudig gedachtenisfeestmaal, geenszins een letterlijke reïncarnatie van Christus.
We geloven dat de echte betekenis van Christus’ woorden gezien kan worden, wanneer zij worden vergeleken met soortgelijke beeldende taal, die Hij gebruikte in Johannes 4:13,14. Daar zei Hij, terwijl Hij sprak tot de vrouw bij de bron van Jacob: “Een ieder die van dit water drinkt, zal weer dorst krijgen, maar wie drinkt van het water dat Ik hem zal geven, zal geen dorst meer krijgen in eeuwigheid, maar het water dat Ik hem zal geven, zal in hem worden tot een fontein van water, dat springt ten eeuwigen leven.”
Bij andere gelegenheden gebruikte Hij soortgelijke taal. Hij zei: “Ik ben de deur” (Johannes 10:7), maar kennelijk bedoelde Hij niet dat Hij een letterlijke houten deur was met een slot en scharnieren. Hij zei: “Ik ben de wijnstok” (Johannes 15:5), maar niemand begreep dat Hij bedoelde dat Hij een wijnstok was. Toen Hij zei: “Ik ben de Goede Herder (Johannes 10:14) bedoelde Hij niet dat Hij werkelijk een herder was. Toen Hij zei: “Gij moet wederom geboren worden” (Johannes 3:7) verwees Hij niet naar een lichamelijke geboorte maar naar een geestelijke geboorte. Toen Hij zei: “Breek deze tempel af en binnen drie dagen zal Ik hem doen herrijzen” (Johannes 2:19), bedoelde Hij Zijn lichaam en niet het bouwwerk van hout en steen.
Ongetwijfeld is geen van deze verklaringen bedoeld om letterlijk genomen te worden. De discipelen hadden er geen moeite mee om de beeldspraak van Jezus te begrijpen. Op dezelfde manier zijn de uitdrukkingen “Dit is Mijn lichaam” en “Dit is Mijn bloed” duidelijk genoeg voor allen, behalve voor diegenen die niet willen zien, of diegenen die alleen maar Middeleeuwse theologen volgen. Het is uiterst onredelijk om deze twee uitdrukkingen letterlijk te nemen, terwijl dan de andere figuurlijk worden opgevat.
De aanhangers van Rome worden, onder bedreiging van eeuwige verdoemenis, gedwongen te geloven wat hun kerk hen vertelt, zelfs al is het in tegenspraak met hun zintuigen. Het effect kan niet anders dan schadelijk zijn, wanneer mensen worden gedwongen iets als waar aan te nemen, waarvan zij weten dat het vals is.
Wanneer de Roomse priester de ouwel consacreert, wordt het daarna de ‘hostie’ genoemd, en zij aanbidden het als God. Maar als de leer van de transsubstantiatie vals is, dan is de hostie evenmin het lichaam van Christus als enig ander stuk brood. En als de ziel en het God-zijn van Christus niet aanwezig zijn, dan is de aanbidding ervan pure afgoderij, van hetzelfde soort als die van heidense stammen die hun afgodsbeelden aanbidden.

De Mis en Geld

Eén erg opvallend kenmerk van de mis, zoals die wordt uitgevoerd in de Roomse Kerk, is de financiële ondersteuning die het oplevert. Het is ongetwijfeld de grootste winstgevende ceremonie in de kerk. Er is een gedetailleerd systeem uitgewerkt. In de Verenigde Staten kost een stille mis voor het welzijn van een ziel in het vagevuur, gelezen door de priester met een zachte stem en zonder muziek, minimaal 2 dollar. De hoogmis, op zondag en heiligendagen, gezongen door de priester met een luide stem met muziek en koren, kost minimaal 10 dollar. De gewoonlijke prijs voor de hoogmis is 25 tot 35 dollar. De requiemmis (bij begrafenissen) en de huwelijksmis kunnen veel meer kosten, wel honderden dollars, afhankelijk van het aantal en de rang van de priesters, die eraan deelnemen, de bloemen, de muziek en de kaarsen. De prijzen variëren in de verschillende bisdommen en in overeenstemming met het vermogen van de parochianen om te betalen. Er worden geen missen gelezen zonder geld. De Ieren hebben een gezegde: High money, high mass; low mass, no money ( Hoog geld, hoogmis, lage mis (=stille mis), geen geld). (Tot op de dag van vandaag kan men op Internet de prijzen vinden, die moeten worden betaald voor het celebreren van de diverse soorten missen. Vert.)
De populairste mis is die, welke bedoeld is om het lijden van zielen in het vagevuur te verlichten of te beëindigen. Hoe meer missen er gelezen worden voor een gekwelde ziel hoe beter. Vagevuurverenigingen en Misbonden bieden algemeen geldende missen aan, die en masse worden gelezen voor begunstigden, waarin een ieder, die – laten we zeggen – tien dollar opstuurt, voor een overleden ziel een bepaald aantal hoogmissen kan verwerven, welke dagelijks gedurende een maand of langer worden gecelebreerd.
Een gevolg van dit systeem is dat de armen langer in het vagevuur blijven branden, terwijl de rijken meer en hogere missen kunnen laten lezen en zo vlugger kunnen ontsnappen. Mensen met vermogen worden soms aangespoord om duizenden dollars na te laten om zo te zorgen voor het permanent opzeggen van gebeden en lezen van missen voor hun ziel. Overeenkomstig de leer van de Kerk van Rome gaat het grootste deel van hen, die sterven binnen de schoot van de kerk, naar het vagevuur, waar zij in een toestand van lijden kunnen blijven zonder een einddatum voorafgaand aan de dag van het oordeel. Van hen, die buiten de Roomse Kerk zijn, wordt gezegd dat zij voor het grootste gedeelte hopeloos verloren zijn en daarom niet meer geholpen kunnen worden.
Eén van de ergste kenmerken rondom het missysteem is, dat de priester nooit de verzekering kan geven dat de ziel, waarvoor hij een mis heeft gelezen, uit het vagevuur vandaan is. Hij geeft toe dat hij geen criterium heeft, waardoor men dat aan de weet kan komen. Vandaar dat die offers jarenlang voortgezet kunnen worden – net zolang als de bedrogen Rooms-katholiek bereid is door te gaan met betalen.

De Historische Ontwikkeling van de Leer

Met het oog op de prominente plaats die in de hedendaagse Rooms-katholieke Kerk aan de mis wordt gegeven, is het van bijzonder belang op te merken, dat zij onbekend was in de vroege Kerk, dat zij voor het eerst in de negende eeuw werd voorgesteld door een Benedictijner monnik, Radbertus, en dat zij pas een officieel onderdeel van de Roomse leer werd, toen zij als zodanig werd afgekondigd door het Lateraans Concilie van 1215 onder leiding van paus Innocentius III. Zij werd in 1545 opnieuw bevestigd door het Concilie van Trente. De transsubstantiatie wordt niet genoemd in de Apostolische Geloofsbelijdenis of in de geloofsbelijdenissen van Nicea en Athanasius. De eerste vermelding ervan is in een geloofsbelijdenis door paus Pius IV, in het jaar 1564.

Conclusie

Het is ons doel geweest aan te tonen dat er in de mis geen transsubstantiatie is, dat er daarom geen fysieke tegenwoordigheid van Christus is in het brood en de wijn en dat er geen echt offer in de mis is. Wij verklaren zonder voorbehoud dat de mis, zoals die wordt gepraktiseerd in de Rooms-katholieke Kerk,  fraude en bedrog is om de doodeenvoudige reden dat het het verkopen van niet-bestaande waarde betreft. De verkoop van missen voor diverse doeleinden aan makkelijk beet te nemen mensen heeft de geestelijken van de Rooms-katholieke Kerk veranderd in offerende priesters en is een effectief middel geweest waardoor onder valse pretenties enorme geldbedragen aan de mensen ontfutseld zijn.
Wij vragen in alle ernst: Wat is er in de Rooms-katholieke dienst van de mis, dat  vergelijkbaar is met de schoonheid en de eenvoud van het Avondmaal des Heren, zoals dat in de Protestantse kerken wordt gevierd? In de laatst genoemde heb je geen pretentieuze hiërarchie van priesters, die afgezonderd van de leken zelf samen communie vieren en deelnemen aan het brood en de wijn, terwijl zij op een hoger niveau bij het altaar staan, met hun rug naar de congregatie, daar waar de leken, als kinderen, met gesloten ogen en open mond neerknielen voor de geestelijken en de ouwel ontvangen, die men in hun mond laat vallen. In de Protestantse kerken komt de predikant van de preekstoel af en zit aan de Avondmaalstafel op hetzelfde niveau als de mensen. De predikant en de mensen vormen een gezelschap Christenbroeders die samen deel hebben aan het Avondmaal des Heren als een eenvoudige gedachtenismaaltijd, waarbij een ieder van het brood eet en uit de beker drinkt, zoals de ceremonie oorspronkelijk werd ingesteld. In het licht van de Nieuwtestamentische openbaring is de laatste ongetwijfeld juist en die alleen.

 (Passages uit het boek“Roman Catholicism” van Dr. L. Boettner)